Discussiëren is doorgaans leuk. Maar waarom is die ene vent nou leuk om mee te discussiëren en is die andere juist bloedirritant?

Nou, hierom!

1. Categorie: ‘Below average intelligence’.

Hij beantwoordt je vraag al voordat je hem hebt kunnen formuleren en uitspreken. Dat is niet zozeer best dom maar ook reuze irritant. Is je vraag de moeite van het aanhoren niet waard? Of is hij iemand die liever zijn eigen verhaal vertelt dan naar een ander luistert? Bovendien is de kans groot dat zijn antwoord het antwoord op een andere vraag is.

2. Categorie: ‘Wet van de afnemende meeropbrengst.’

Hij maakt eindeloos zijn punt. Een stelling innemen is goed, de juiste argumenten erbij maken je stelling nog sterker. Maar, als het punt eenmaal is gemaakt en het gelijk is gehaald, moet je direct ophouden met argumenten aanvoeren om vervolgens te verzanden in ontkrachtende cirkelredeneringen.

3. Categorie: ‘When you’re in a hole, stop digging.’

Hij heeft het tijdens een discussie aantoonbaar bij het verkeerde eind maar probeert toch vruchteloos en wanhopig zijn gelijk te halen en komt daarmee alleen maar steeds dieper in de ellende. Sterk was geweest als hij zijn standpunt had veranderd, zijn ongelijk had erkend en blijk had gegeven van voortschrijdend inzicht tijdens de discussie.

4. Categorie ‘Jerry Springer’.

Hij maakt in een verhitte discussie gebruik van stemverheffing. Ai, als je stemverheffing nodig hebt om je punt te maken, dan is de inhoud alleen kennelijk niet voldoende. Nooit, nooit, nooit je stem verheffen, laat staan schreeuwen in een discussie. Daarmee ondermijn je direct je eigen positie en verander je een discussie bovendien in een ordinaire ruzie met je stemverheffing als absoluut zwaktebod. Stemverheffing is een no go.

Hoe het dan wel moet?

Een goede discussie begint nog altijd met zwijgen en het aanhoren van het standpunt en argumenten van je discussiepunten. In een sterke discussie laat je je discussiepartner praten, veel praten. Hoe meer iemand praat, des te meer hij vertelt en hoe meer jij weet.

Onthoud maar: Wie praat, betaalt.